Saturday, April 18, 2009

Zeep opera

Zoals ik al eerder meldde kregen we bij aankomst op UCSD een lijst met tips over leven in de VS. Eén van de tips ging over persoonlijke hygiene. Amerikanen vinden lichaamsgeuren niet fijn, en doen er veel aan om nooit naar zweet of andere lichamelijke dingen te ruiken. Ze willen ook graag hele witte tanden hebben, dus tandpasta en zelfs flosdraad heeft hier een bleekmiddel. Ze denken dat de rest van de wereld viezer is dan zij. Ik heb al een paar keer grappen gehoord over Europeanen die rieken. Ik was hierdoor gefascineerd. Hoe komt het dat Amerikanen zo schoon zijn?
Nu weet ik het: angst. Dat beweert althans Katherine Ashenburg in 'The dirt on clean'. Even wat geschiedenis. De oude Romeinen waren ook heel schoon, en brachten veel tijd door in het badhuis (huizen hadden nog geen badkamers toen). Maar die badhuizen waren ook plekken waar allerlei zondige dingen gebeurden (er waren bars, en mannen en vrouwen zaten naakt in hetzelfde bad). Dus toen de katholieke kerk opkwam werd schoon geassocieerd met zondigheid. Als iemand heel schoon was zou hij wel vaak in het badhuis zitten. Het gevolg: mensen die vroom wilden overkomen wasten daarom zichzelf en hun kleding nauwelijks.
Aan deze smerigheid kwam pas een einde toen men ontdekte dat ziektes werden veroorzaakt door onhygienische toestanden. Mensen begonnen weer wat schoner te worden, en net op het moment dat de noodzaak van hygiene tot de massa doorgedrongen was werden in Amerika steden ontwikkeld. Ruimte zat, en de mogelijkheid om meteen een flink waterleiding en rioleringsnetwerk aan te leggen. Zo komt het dus dat in Amerika alle huizen ruime badkamers hebben, vaak evenveel badkamers als slaapkamers, met breed stromend water, terwijl in Europa de meeste huizen kleine badkamertjes hebben, in oude huizen vaak achteraf een keer toegevoegd, met kleine straaltjes water en regelmatig verstopte afvoer, die ze ook nog met het hele gezin moeten delen.
Maar waar zijn die Amerikanen dan bang voor? Voor ziektes, dat is logisch. Maar daar houdt het niet mee op. Om ziektes te voorkomen moet je schoon drinkwater hebben en regelmatig je handen wassen. Dat is het wel zo'n beetje. Je wordt niet ziek van iemands zweetlucht, of van gele tanden, of vet haar. Sterker nog, te vaak wassen is slecht voor je huid, en bleken is slecht voor je tanden. Dus er moet meer zijn. Amerikanen zijn heel erg bang dat anderen ze vies vinden, en dat ze daardoor geen succes zullen hebben in de liefde, hun werk, en eigenlijk alles. Dit werd ze aangepraat door advertenties tijdens soap operas, hoorspelen op de radio die door zeepfabrikanten werden gemaakt. Lukt het je niet om een date te krijgen? Wordt je nooit gebeld na een sollicitatiegesprek? Dat komt waarschijnlijk door je slechte adem of onfrisse oksels. Dat kan je zelf niet ruiken, dus iedereen gaat panisch schrobben en poetsen, of het nou nodig is of niet. Dat het is doorgeslagen blijkt wel uit een nieuw probleem: steeds meer kinderen met allergieen. Een van de verklaringen daarvoor is dat kinderen te weinig in aanraking komen met vuil. Er is zelfs al een speciale pil ontwikkeld met daarin viezigheid zodat kinderen wat weerstand krijgen.


Sunday, April 12, 2009

Flipper!


Vandaag hebben we met collega Huib een walvis tocht gemaakt. Helaas geen walvis gezien, maar wel een groepje dolfijnen (bottlenose dolphins, om precies te zijn). Ze kwamen vlakbij de boot.

Saturday, April 11, 2009

Romeo in de achtertuin

Op een elektriciteitspaal achter ons huis zit dagelijks een vogel zichzelf te adverteren. Hoewel ik voor hem hoop dat er een leuke dame langskomt, mag hij van mij ook best de hele lente blijven zingen.


Friday, April 10, 2009

Achteraan aansluiten

Dinsdag kwam Richard Dawkins een lezing geven op de campus hier. Richard Dawkins is een wetenschapper die (onder andere) populaire boeken heeft geschreven over evolutie en god. In die boeken legt hij uit hoe evolutie werkt, en waarom het de beste verklaring is en waarom de meeste kritiek op de evolutietheorie onzin is. In "The God Delusion" beargumenteert hij dat er geen enkel bewijs is voor het bestaan van een god en dat er zelfs veel redenen zijn om aan te nemen dat er geen god is. De reden voor zijn bezoek was dat hij een prijs kreeg voor het maatschappelijke belang van zijn werk. Zijn praatje zou gaan over "purpose", laten we zeggen het doel van het leven.
Dus wij wilden daar wel heen. Toen we bij het theater kwamen waar de lezing was stond er echter een enorme rij. Wel een paar honderd meter lang. Wij schatten dat er ongeveer twee keer zoveel mensen in de rij stonden als hoeveel er in het theater pasten. Toch sloten we achteraan aan. Meteen begon het gesprek over gedrag in rijen. Het viel René en mij namelijk meteen op hoe ongelooflijk netjes mensen in de rij gingen staan. Niemand probeerde voor te dringen. Niemand die bij de deur ging zeuren, niemand die naast iemand anders ging staan in plaats van achter de achterste persoon in de hoop dat de daardoor onstane onduidelijke situatie in zijn voordeel zou werken. Zelfs niemand leek uit z'n humeur. De vrouw voor ons merkte op dat de Britten kampioen rij staan zijn, maar ik kon me niet voorstellen dat het nog beter kan. Dave merkte op dat voormalig oostblokkers ook wel goed zouden zijn. En toen zagen we Piotr (uit Polen) aankomen. Hij deed precies wat alle Europeanen doen. Hij begon vooraan de rij, en liep er langzaam langs in de hoop iemand te zien bij wie hij kon aansluiten, ook al was hij eigenlijk met ons. Toen dat niet lukte kwam hij bij ons staan en begon hardop te denken dat die praatjes van Dawkins meestal supersaai zijn en dat het eigenlijk weinig zin had erheen te gaan. In de hoop dat de mensen voor ons het zouden opgeven. Maar die hadden ons gesprek gevolgd, dus die vonden dat erg grappig (Hoop ik. Misschien vonden ze ons luid en onbeschoft, maar lieten ze dat niet merken. Zo zijn ze hier.) Oostblokkers zijn natuurlijk zeer asociale rijvormers, want daar ging het over overleven.
Hoe komt het dat Amerikanen zo netjes in de rij staan? Zelfs voor de bus op de campus staat een langwerpig vak op de stoep geschilderd, waariedereen netjes in de rij gaat staan. Maar er is altijd genoeg plek in de bus! Er is geen reden om in de rij te staan. Als er in de supermarkt een nieuwe kassa opengaat laat iedereen de persoon die vooraan staat bij de oude kassa als eerste naar de nieuwe kassa gaan. Het is ondenkbaar dat de volgorde van wachtende mensen zou omkeren.
Misschien zijn ze hier zo netjes omdat het meestal niet uitmaakt. Er is hier geen schaarste (tenzij een beroemde wetenschapper een lezing komt geven). Net als in Europa. Misschien moeten we ons afvragen waarom Nederlanders altijd proberen voor te dringen.

Tuesday, April 7, 2009

Ben ik oud?

Zojuist dacht iemand dat ik oud genoeg was om studerende kinderen te hebben. Au. En dat terwijl ik zo mijn best doe er zelf nog als een student uit te zien. Kennelijk werkt dat niet helemaal....

Sunday, April 5, 2009

Wie maakt me los?

Hier in Amerika is het woord "market" (markt) ingepikt door iedereen die iets te koop aanbiedt, en veel mensen noemen hun winkel dan ook ... market (furniture market, pet market, etc.). Dus wat doe je als je een echte markt hebt? Dan noem je het farmer's market. Dit om mensen er weer eens aan te herinneren dat eten door boeren wordt geproduceerd en niet automatisch in stukjes gehakt, bewerkt en in plastic verpakt op magische wijze in de supermarkt verschijnt. Omdat de gemiddelde Amerikaan kennelijk geen boodschap heeft aan puur natuur onbewerkt eten in originele staat is de farmer's market het domein van de alternatieve, geitewollensokken dragende (nou ja, dat zouden ze doen als het hier wat kouder was), naar publieke radio luisterende, in hybride auto's rijdende, espresso drinkende, zweverige maar zich toch ook wel van buitenlandse gebeurtenissen bewuste fijnproevers. Je moet hier dus niet naar de markt gaan voor koopjes. Hier staan de koopmannen niet tegen elkaar op te schreeuwen, en hangen er geen rekken vol kinderarbeid-t-shirts. In tegendeel, er klinkt beschaafde klassieke muziek, iedereen verontschuldigt zich voortdurend voor het in de weg lopen, en alles is zonder toegevoegde suikers en transvetten. Niemand kijkt op van een kraampje met producten die rauw, veganistisch, biologisch èn gluten vrij zijn.
We hebben pas deze week ontdekt dat er zo'n markt is in Hillcrest, een van de leukste buurten van San Diego. Vanochtend (de markt is alleen op zondagochtend, wat verklaart waarom we de markt niet eerder hebben ontdekt) gingen we naar de markt, en hebben daar gescoord: verse pasta, verse pesto, en minicourgettes met de bloemen er nog aan. Geweldig! Ook gespot (maar dit keer niet gekocht): baby artichokken (ongeveer ter grootte van spruiten), reuze artichokken (ter grootte van een flinke meloen), bloedsinaasappelen, bijna witte grapefruits, en worteltjes en knollen in alle mogelijke kleuren, vormen en afmetingen.


Monday, March 30, 2009

Hallo, mijn naam is Diane en ik zal jouw persoonlijke blogger zijn vandaag


Het geven van fooien in Amerika blijft vreemd voor Europeanen. Wie geef je wel een fooi en wie niet? Waarom krijgt de kapper bijvoorbeeld wel een fooi, maar een automonteur niet? En hoeveel? Tegenwoordig schijnt het in restaurants de norm te zijn om 18% (bovenop de rekening) te geven. Maar wie heeft dat bepaald? En is het niet vreemd dat de ober drie keer zoveel fooi krijgt als je een gerecht bestelt dat drie keer zo duur is? Voor die ober is het evenveel werk, of je nou een goedkoop of een duur gerecht eet, waarom zou hij er meer voor moeten krijgen?
Het is natuurlijk ronduit asociaal dat dit systeem bestaat. Waarom moet je namelijk zo veel fooi geven: restauranteigenaren geven hun personeel een veel te laag salaris. Er schijnen zelfs obers te zijn die helemaal geen salaris krijgen, en dus moeten rondkomen van de fooien. Het resultaat is overdreven gedienstig gedrag van obers en oberinnen ("Hello, my name is Jim/Jane/whatever and I will be your server tonight") die doen alsof je hun intelligentste klant bent ("excellent choice!") of proberen je te laten geloven dat ze op je lijken ("that's also MY favorite!") zodat je allerlei warme gevoelens voor ze krijgt. Ongevraagd wordt je waterglas steeds bijgevuld, zodra je de laatste hap hebt genomen wordt je vieze bord weggehaald, en elke vijf minuten moet je even bevestigen dat alles nog great is. Het bijvullen en weghalen vind ik prima, maar dat nep-vriendschappelijke gedoe komt me een beetje de neus uit, vooral als het betekent dat je het gesprek met je echt-vriendschappelijke tafelgenoot steeds moet onderbreken om te zeggen dat alles echt delicious is en dat je nog steeds niks anders nodig hebt. We waren een keer in een restaurant waar de serveerster René steeds een nek- en schouder massage gaf tot ik haar met mijn giftige blik vermorzelde.
Dus toen we in San Francisco waren, waar mensen wat directer en normaler met elkaar omgaan, was dat wel een verademing. De eerste avond kreeg Bruno zijn gerecht niet. Toen hij de ober daarop wees zei die dat Bruno dan maar wat van de rest moest mee eten. De tweede avond kregen we ons hoofdgerecht vrijwel gelijk met het voorgerecht, en kwam de wijn pas toen we al bijna klaar waren met eten. Verfrissend!
Eén probleem: wat doe je met de fooi?